De plasticsoep

Ieder jaar komt er ongeveer vijf miljoen ton aan afval in de zee terecht. Dit komt door het afval dat we op straat gooien, maar ook door de visnetten die achterblijven in de zeeën en oceanen. Alle verschillende soorten (plastic) afval vormen samen de plasticsoep. Zelfs op de meest afgelegen plekken ter wereld wordt plastic gevonden.

Gyres
Op vijf plekken in de oceaan drijft meer plastic dan normaal. Op deze plekken vind je grote draaiende zeestromingen. Die stromingen kun je vergelijken met de draaikolk van een doucheputje en worden ook wel gyres genoemd. Je hebt de North Pacific, South Pacific, Indian Ocean, North Atlantic en de South Atlantic Gyre. In deze gyres vind je meer plastic afval dan in andere delen van de oceanen.

 

Volgens een schatting van The Ocean Cleanup drijft er in de Noord-Pacifische maalstroom (‘gyre’) een vuilnisbelt met in totaal zo’n 80.000 ton plastic afval. Maar dat er drijvende eilanden van plastic bestaan, is een hardnekkig misverstand. Pas wanneer je kijkt naar wat er precies drijft op het water, wat er in het water zweeft en wat er op de bodem van de oceaan ligt, krijg je een indruk van de plasticsoep. 

Voordelen ingehaald door nadelen
Door de ophoping en het uiteenvallen van plastic in het milieu, worden de voordelen van plastic ingehaald door de nadelen. Dieren hebben last van al het plastic: ze krijgen het binnen, verwonden zich of stikken er zelfs in. Niet alleen voor dieren, maar ook voor mensen is al dat zwerfplastic gevaarlijk. We eten de plasticsoep letterlijk op en worden er misschien zelfs ziek van. Er komen steeds meer aanwijzingen dat de plastics die wij binnenkrijgen serieuze gezondheidsrisico’s met zich mee kunnen brengen.